Columns

Woensdag 18/03/20

Doorgaan

Ik kijk over de gracht en zie een meerkoetje op een verwaterde kartonnen doos liggen. Relaxed. Zorgeloos. Bijkomen van lentekriebels misschien. Onbegrijpelijk. Het diertje merkt helemaal niets van Corona.

Vandaag heb ik best wel een lamgeslagen gevoel over me. Moeiig. Heb ik teveel gelezen over de pandemie in kranten, op NOS, Twitter en YouTube? Ben ik bezorgd? Over wie? Mijn vader van 92 die nog gewoon zelf boodschappen doet? Zijn vrouw, sinds kort in een verpleeghuis. Hij mag nog maar 1 keer per dag op bezoek. Mijn reizende broers, mijn gezin, ik zelf als de oudste daar. Kwetsbaar zijn we. Ik moet gewoon weer werken, thuis, dat deed ik altijd al thuis op dinsdagen, maar het is net of ik er nog niet klaar voor ben. Herken je dat? Hoe kan dat leven nou gewoon doorgaan? Mijn dierbaren en ik zijn nog gezond, we houden ons aan de regels, we hebben Rutte en de experts begrepen:  1. De meesten van ons gaan het een keer krijgen. Maar we willen de curve vlakker maken. Wat we nu doen aan maatregelen, daar helpen we elkaar mee. 2. We gaan er vanuit dat we er goed doorheen komen. Dit is licht geforceerd: dat weet je nooit, maar zorgen maken helpt ook niet. Maatregelen om het niet te krijgen is toch iets anders dan maatregelen om het te beheersen. Die andere griepjaren hakten er ook in. Maar deze zal harder hakken. We hebben er een killer bij. Naast roken, kanker, verkeer en…het Lot. Alles loopt nog relatief goed met onze technologische snufjes met internet, thuisles, TV, telefoon, maar toch. Ik wil eigenlijk bij m’n gezin blijven, het nieuwe dagschema-zonder-school bijwonen, opletten of ze de 1,5 meter naar anderen bewaren als ze even naar buiten gaan, net zoals de afgelopen dagen. Terwijl ik thuis ook al een beetje benauwing voel met z’n vijfen in het schip. Niet meer optreden zal ook wel een rol spelen. Dat was in vakanties al zo, dan werd pappie wel es wat sjagrijnig.  Ik ga toch werken en vind mijn agenda en admi-dingetjes die ik moet doen ineens heel onbelangrijk, vergeleken bij wat er allemaal aan het front gebeurt. Waar hébben we het over?! Tussendoor onderzoek ik even de Spaanse griep. Een grotere slachting was dat dan de 1 e wereldoorlog zelf. Af en toe wordt een bevolking gedecimeerd.1918. Is dit het leven? Over-leven? Het virus wil ook overleven en de soort in stand houden. De natuur is mooi. En hard. En waar was ik met mijn bewustzijn bij de 100.000 -en malariadoden?! De vorige griepdoden?! Wat een bewustwording overvalt ons… Het is nu duidelijk: we moeten doen alsof we ‘het’ al hebben. Ik werk. Ik moet bellen met recreatieve drugsgebruikers die aanhoudende klachten hebben. Diagnose stellen, uitleg en hoop geven, een behandelplan maken. Normaalgesproken heel voldoenend. Ik doe dit veilig op afstand aan de telefoon. Daar waar collega’s wel groot besmettingsgevaar lopen. Wat mooi dat er zoveel gezondheidszorgwerkers buiten dienst hun diensten weer aanbieden. Er gebeurt ook wat bij mijn bellers: “door de Corona gebeurtenissen heb ik minder last van mijn klachten,” zeiden er twee los van elkaar. Nu is dit algemeen bekend over afleiding van neurologische waarnemingsklachten, maar nu toch wel extra opvallend. Ik vind het moeilijk om gewoon de draad op te pakken. Dat kan toch niet? Net doen alsof er niets aan de hand is? Tussendoor boek ik met theaters en impresario veel optredens om. Maart en april liggen er sowieso uit. Dat heb ik al geaccepteerd. Een paar dagen geleden was dat nog erg. Nu een feit. De inwerkingsduur van het medicijn dat acceptatie heet. De groepsapp van het octet Friends gloeit even. Zouden er straks weer normale tijden komen? Vast. Aan het eind van de dag wordt het windstil en ik pak een half uurtje tuinklusjes. Buiten zijn. Kijken of ik weer wakker word. Weer het nagestreefde nu ervaren. Een nulpuntnulletje op het dek. Kijken. Voetbal, muziek, het komt wel weer es. Ik zing nog niet. Om 20.00 uur klappen we buiten voor alle hulpverleners. Ik voel solidariteit en ontroering. Ja, laten we doorgaan. De echt vitale beroepen komen juist nu in zicht. Het meerkoetje heeft nu een dag later alweer sprietjes in de snavel. School komt digitaal de boot in. Ik sorteer vakantiefoto’s zomer 2019. Sammy ( 1 VWO) stelt enthousiasmerende vragen over biologie. Kan een bot bloeden? En bij geschiedenis: “hoe schrijf je cremeren?”. Pfff, wat hou ik van die jongen. Morgen breng ik een week eten naar m’n vader: We moeten doorgaan.

Maandagmiddag 17/12/18

Laat me / Vivre spelen op een begrafenis van een mooie en flamboyante vrouw, die zelf haar einde had geregisseerd. Indrukwekkend. Als muzikant die op z’n beurt wacht zie je een leven van een vreemde, die ineens een bekende wordt, in foto’s voorbijkomen, de tragedies, de geluksmomenten. Terwijl m’n eigen hartslag toeneemt naarmate het moment nadert, ben ik getuige van het verdriet van de achterblijvers. Mijn contact zei: “als je zo kan huilen om je moeder, dan is dat heel erg mooi…”  En dat is natuurlijk ook zo. Haar zoon van mijn leeftijd vertelde dat toen ze hoorde dat ik zou komen zingen , ze nog eens in tranen uitbarste. Daar had ze bij willen zijn. Even twijfelden ze of ze de euthanasie niet zou willen skippen. Nu is het mijn beurt. Ik zeg mezelf onderweg naar mijn altijd trouwe gitaar: denk aan je woorden, niet aan de emoties van de situatie. Wees dienstbaar. Hoor Ramses’ woorden: ‘je moet het even menen…’ Het werkt, ik laat me aan het eind vol gaan, in die vreemde stilte van de volle aula en rond af. Ik voel een gekke kramp in m’n linker hand. Zet m’n gitaar weg, leg een roos op haar kist, zeg: ‘die is voor jou’ en ga zitten. Bij de koffie hoor ik dat er een paar mensen zijn die mij ook op hun eigen einde willen hebben. Dat is leuk en vreemd: zou je het meekrijgen vanuit de kist?

Op de uitnodiging had gestaan:

Herinner je gisteren

Droom van morgen

Maar leef vandaag.

Zondag 16/12/18 Matinée 15.00 uur

Met Cor Bakker in theater Jan van Besouw te Goirle. Onze eerste weer sinds lange tijd (2016) dus we moesten het programma nog wel even doorlopen vanaf 13.15 uur. Cor speelde ’s morgens al in Breda, liet zich slim rijden door z’n schoonzoon, was verkouden als een rund. Niezen in de headset, druppelen op de toetsen, wat een crime voor hem! Zijn we bijna aan het eind van de doorloop: “nog 10 minuten voor aanvang…” Hè, wat?!  We moesten nog 2 nummers bekijken, waren nog niet omgekleed, gauw gauw podium af, omkleden, reservebatterijen pakken en go. Het zat er nog goed in, raadselachtig hoe je het script ergens in een breinvakje opslaat. Zodra je er staat , gaat het weer vanzelf. Het werd een te gekke middag, Cor tilt me op met z’n virtuoze, vrije en romantische spel. Tijdens ‘Heerlijk’ van Shaffy zit ie gekke bekken naar me te trekken met z’n rug naar het publiek, ik snel weglopen om niet te lachen. Tijdens De Wind speelt ie ineens een couplet niet, zit ie z’n neus nog es een keer te legen. Het niezen stopte de 2e set.  Fijn om weer die onbekendere Shaffy’s te doen: Er was een jongetje, De trein naar het Noorden, Heerlijk. De nazit daar o.l.v. de directeur Sanne is inmiddels legendarisch. Vorig jaar na Dubbel Leven. En nu weer. Met het koor ‘Vals alarm’, een geluidssetje in de foyer, hapjes en drankjes, werd het weer Brabants gezellig. Cor vraagt dan van tevoren aan mij in goed Frans: “is er dangereux de plaque vanavond?” ( is er plakgevaar vanavond) . Hij roept dan altijd: “de bus gaat vertrekken!” Tja, liggen hier mijn drugs- en alcoholvrije mateloosheden soms? Is er Danger de coller? Graag.

Vrijdag 14-12-18

“Heel bijzonder…!” hoor ik soms in de foyer na mijn solo programma Dubbel Leven. Zo ook afgelopen vrijdag in Het volle Oude Raadhuis van Hoofddorp. Dan moet ik wel eens twijfelen of het nou een positieve reactie is, of één die zegt: ik kwam voor Franse chansons en niet voor een college over drugs!  In beide gevallen heb ik geleerd te denken: tja…ik snap je, maar dit is nu eenmaal mijn ding deze 2 1/2 seizoenen. Ik ben er blij mee. Of mensen zich inlezen in een brochure, is ook maar de vraag. Ook als er ineens een regisseursechtpaar in de zaal zit dat sommige dingen toch ‘echt anders’  zou hebben gedaan, maar mijn zang en Frans fantastisch vonden. Oké, in een reflex voel je dan even wat als een mensen vermakende artiest, maar snel herpak ik mijn eigen weg: ik had een top avond! Zat tempo en flow in, geluid was weer goed, ik blij. Kom je beneden, zijn er nog maar 10-20 mensen die een drankje nuttigen. De rest, bam, naar huis. Och, wat verschilt dat in den lande! Een lief paar, dat ooit hun oudste kind verloor, was me dankbaar voor m.n. Shaffy en De Wind. Mijn studiegenoot Aart, huisarts, die ook nog op een foto in de show staat, was er met een cluppie. Ik had me gesneden met scheren en liep te klooien met een camouflagestift, welk smeersel ik er uiteindelijk maar afveegde. Geen succes. Ik herkende het toilet in de kleedkamer. Van vorig jaar, toen ik 3 minuten voor aanvang dacht: kàn nog wel even. En haast met open gulp en schoenritsen het podium op ging.